Kasteel Sprengenberg op de Sallandse Heuvelrug in Haarle, gebouwd in 1903 door van Wulfften Palthe. 

Familie van Wulften Palte

Een Twentse familie op het Sallandse platteland
Aan het einde van de negende eeuw begonnen Twentse producentenfamilies in de ruime omtrek van de stuwwal tussen Oldenzaal en Enschede met het opkopen van honderden hectares woeste grond. Tot circa 1920 waren er tientallen villa's, waarbij architecten als Karel Müller en Gerhard Beltman een sterke stempeldrukten op het Twentse buitengebied. Eén van de weinige ingrediënten die in Twente geen inhoudelijke locatie vond, was de Almeloër AAW van Wulfften Palthe. Hij bouwde een bijzonder huis op de Sprengenberg, twee kilometer tien zuiden van het Sallandse dorp Haarle. Een grote opknapbeurt begin 2011 heeft er voor gezorgd dat de toren weer – als vanouds – prijkt als een wit gebakken in het landschap.

Zoon van Kantonrechter en Statenlid 1816-1900

Arnold van Wulfften Palthe
Arnold Albert Willem (Arnold) van Wulfften Palthe werd in 1851 geboren aan de Markt in Oldenzaal. Vader AAW van Wulfften Palthe (1816-1900) was kantonrechter in Oldenzaal en Statenlid in de provincie Overijssel. Hij stamde uit een oud Twents patriciërsgeslacht, de Palthe's, waarvan in de achttiende eeuw de families Racer Palthe en Van Wulfften Palthe afgesplitst waren. Arnolds moeder, Johanna Henriëtta Stork, was een zuster van de bekende CT Stork, oprichter van de Hengelose machinefabriek Gebr. Stork & Co. In 1873 had Arnold samen met zijn broers Derk Willem en Jan Richard in Almelo de firma Gebr. Palthe opgericht, die zich richt op het verven en wassen van textielproducten. Hij bewoonde een villa dicht bij het station in Almelo, waar hij als amateurastronoom een ​​klein sterrenobservatorium op het dak had gebouwd.

Komst naar Haarle
In 1898 vond in Raalte een veiling plaats van een boerderij, enkele percelen heide en een bos gelegen op de vijfendertig meter hoge Sprengenberg bij het dorp Haarle in de gemeente Hellendoorn. Koper van de grond was Van Wulfften Palthe. Hij was op zoek naar droge zandgronden, waardoor zijn vrouw Maria Aurelia Engberts beter kon vertoeven. De natte, leemhoudende gronden, die de familie tot dan toe in De Lutte en Oldenzaal in bezit had, waren voor zijn reumatische vrouw niet geschikt om langdurig te verblijven. Kort daarna werd boven de Sprengenberg een achtkantige koepelgebouw, waar de familie –met inmiddels zeven kinderen – in de weekeinden en jachtpartijen mogelijk. Al snel ontstond de behoefte aan een groter huis. De bekende architect Karel Müller spoorde Van Wulfften Palthe aan om iets bijzonders te doen boven op de boerenkoolheide: 'Hier moet je geen gewoon huis bouwen, hier moet iets speciaals staan!' Müller had vanaf circa 1900 al verschillende beslissende villa's in Twente ontworpen, maar het ontwerp van de Sprengenberg voorkeur zijn gekozen doorbraak. Nadien tekende hij voor het ontwerp van het landgoed Bellinckhof in Almelo en Egheria in De Lutte (naast van Ten Cate),

Sprengenberg met Stork windmolen

Omstreeks 1906 met de windmolen van Stork die de toren van Palhe, Sprengenberg van energie voorzag.
Sprengenberg opnieuw geschilderd

De situatie in 2011 na een grondige opknap- en schilderbeurt.
Pastoor Ferdinand Ellerbeck

Pastoor Ferdinand Ellerbeck, 1906.

Alhoewel de familie Van Wulfften Palte hervormd was en heel Haarle katholiek was gebleven, onderhielden de pastoor en de familie Palthe een zeer vriendschappelijke band. De familie Palthe droeg bij aan de bouwkosten van de kerk in Haarle en was bij de opening speciale genodigde. Overigens spreekt men in Haarle niet van Rooms katholiek maar gewoon katholiek. Inmiddels is het katholieke kerkgebouw verkocht en bestemd voor maatschappelijke doeleinden.

de Borg in Beuningen (van Van Wulfften Palthe's broer DW), De Wigwam in Enschede (Van Heek) en Het Welna in Lonneker (Ter Kuile). Daarnaast ontwierp hij de Wilhelminaschool in Hengelo (eveneens van Stork), het directiekantoor van Gelderman in Oldenzaal en het Rijksmuseum Twenthe in Enschede. De villa in Haarle, gebouwd in 1903, bestond uit een dertig meter hoge toren en een tweetal bijgebouwen in vakwerkstijl. Bovenop de toren werd een open uitzichtplatform gerealiseerd, evenals een torenkamer waar Van Wulfften Palthe zijn nieuwe observatorium gecombineerd. In 1906 werd het huis herhaaldelijk uitgebreid met een tweetal galerijen in L-vorm, een studeerkamer, een biljartkamer en een autogarage. De familie definitief verplaatst van Almelo naar Haarle.

Leven op De Sprengenberg
Haarle was aan het begin van de twintigste eeuw een kleine agrarische gemeenschap. Met nog geen duizend inwoners, een kerkje, enkele cafés en wat nijverheid was het een kleine enclave op het Sallandse platteland. Als het gehele dorp van de gemeente Hellendoorn bleef het geheel katholiek. De bevolking keek dan ook vreemd op toen aan het begin van de twintigste eeuw een hervormde, welgestelde, Twentse familie in het dorp kwam wonen. De relatie tussen Van Wulfften Palthe en de dronken dorpspastor, Ferdinand Ellerbeck, was krachtig uitstekend. De familie kwam geregeld bij de pastoor over de vloer, zoals Palthe's dochter Thalie in haar memoires aantekent: 'Veel van Haarle en zijn omgeving heeft ons de oude Pastoor Ellerbeck verteld.' Hij vertelde hen over de oude buurt, de boerderijen, en zijn grootste passie. 'Pastoor Ellerbeck had een grote liefhebberij in het verzamelen van stenen en fossielen. Zijn familie noemde hem daarom “steenen Doris”'. Van Wulfften Palthe was van harte welkom bij de in 1916 gereedgekomen nieuwe kerk. 'Daar Vader (Van Wulfften Palthe) ook heeft bijgedragen aan de bouw, werden we uitgenodigd om de inwijding bij te wonen. De Bisschop van Utrecht, Monseigneur van de Wetering, ondanks de mis op. Na afloop hebben we de receptie in de Pastorie overgenomen. Onze auto bracht hem (Monseigneur van de Wetering) daarna naar de trein in Deventer.'

Vertier
Op 'n barg, zoals de dorpsgemeenschap de Sprengberg noemde, werd weelderig geleefd. Het najaar bevond zich halverwege in het teken van de jacht. Van Wulfften Palthe nodigde zijn jachtvrienden uit, die –volgens dochter Thalie – 'dikwijls de avond tevoren, soms ontmoetten hun dames, bij ons [op het huis] kwamen. Na een ontbijt met gebakken leverworst, waar Vader beoordeeld was zijn gasten voor te zetten, vertrokken

Medewerkers van Sprengenberg

Foto bijschrift:
Vlnr: Smits Harm Bruggeman(onze buurman), Jans Hutte Rensen (mijn oom), De Grutter, Van'n Pas Bruggeman, Doris Groven Kemper, Jan Fakkert Bergboer (mijn peetoom).

Herman Bruggeman alias Smits Harm was hulpjachtopziener, de anderen hielpen het bos onderhouden, en hadden daarnaast hun eigen boerdij.

de jagers het veld in.' 's Avonds werd er, in de grote zaal onder de toren, een jachtdiner gehouden. 'Na de maaltijd zat de heeren voor de haard, waar een groot vuur brandde, waardoor een der jagers uitlokte om te zeggen: “Arnold, je verstookt hier wel een schoolmeesters tractementje!” Gelukkig dat het hout en de takkebossen uit eigen bosschen kwamen.' Het huis had al vroeg elektriciteit, die met behulp van een windmolen werd opgewekt. De familie werd een auto en er werd volop muziek gemaakt. Net ten oosten van het huis werd een tennisbaan aangelegd, waar veel gespeeld werd. Het thee-uurtje werd verplaatst van het terras bij de koepel naar het tennisveld. Overigens heeft dit nog tot internationaal succes geleid. Van Wulfften Palthe's kleindochter, Kea Bouman, won in 1927 het Franse tenniskampioenschap Roland Garros. Ze was daarmee de eerste Nederlandse winna(a)r(es) van een Grand Slam-toernooi, en zou de enige blijven tot Richard Krajicek in 1996 Wimbledon won. Ongeveer een halve kilometer ten zuiden van het huis werd een noodlandingsplaats voor duidelijk uitgelegd. Neef Pieter Matthijs van Wulfften Palthe werd opgeleid als vliegenier. Van Wulfften Palthe kreeg in 1913 de gelegenheid om een ​​rondje mee te vliegen. De noodlandingsplaats bij De Sprengenberg bestond uit een geëgaliseerd stuk heide. Vier hoeken werden met wit zand gemarkeerd en in het midden van het perceel werd een kruis aangebracht. Twee keer is er, door Piet van Wulfften Palthe, een landing gemaakt.

Leven op het platteland
De dorpsgemeenschap zelfprofiteurde sterk van de familie Van Wulfften Palthe. De boer bij het landgoed leverde dagelijks melk, de bakker brood en dan was er nog Marie Oude Nijhuis: 'Een vriendelijk klein menschje, dat vele malen smakelijk voor ons kookte, als we vacantie ontmoetten in “ 't kleine huisje” waren.' Haar broer Hein Oude Nijhuis werd een verloop van tijd chauffeur voor de familie, zodat hij de eerste Haarlenaar met een rijbewijs werd. Naast het huis werd al snel een woningbouw voor een jachtopziener die van oudsten erbij betrokken was. De woeste heidegronden, vele honderden hectares, werden vanaf begin twintigste eeuw ontgonnen. Tientallen boerenzonen uit Haarle vonden hun werk als bosarbeider op de Sprengenberg. Het hout werd gebruikt voor de mijnbouw in Limburg.

Vijf dochters
Arnold Albert Willem van Wulfften Palthe overleef in 1929, 78 jaar oud. Het landgoed kwam achteraf onder beheer van zijn erfgenamen. De laatste vaste bewoner van het huis op de Sprengenberg, Van Wulfften Palthe's ongehuwde dochter Mieke, overleed in 1961. De overige kinderen van Van Wulfften Palthe hadden Haarle al decennia daarvoor verlaten. De oudste dochter, Jet, lastig met de uit Den Bosch kwam Wouter Bouwman. Hij trad toe tot de firma Gebr. Palthe, die later tot NV werd omgevormd. Datzelfde goud voor de enige zoon van Van Wulfften Palthe, Jan Jacob. Hij kwam te wonen op de buitenplaats Wendelgoor bij Almelo. Coba vaker in Düsseldorf, na getrouwd te zijn geweest met de Duitse koopman Hans Marioth. De al aangehaalde dochter Thalie, die haar memoires schreef, woonde op leeftijd latere met haar man J.U. Jim de Kempenaer in 't Joppe bij Gorssel. Beiden hebben zich ingezet voor de geschiedschrijving van Haarle. J.U. Jim de Kempenaer was voor het behoud van een van de Haarler markeboeken en schreef in 1946 het bekende boek Haarle (O.) in de oorlogsjaren. U kunt het boek hier online doorbladeren en lezen. Het boek bevat oorlogsbeschrijvingen van vele tientallen Haarlenaren, waarmee het tot aan de dag van vandaag een bruikbaar egodocument is. Op 9 april 1945 was de Huis Sprengenberg aanvankelijk nog bezet door Duitse soldaten. Toen de geallieerde bevrijders dat merkten schoten op de villa, waarbij het gebouw behoorlijk beschadigd raakte. Daarna staakten de Duitsers hun verzet en kon Jim de Kempenaer als bevestiging 2 witte vlaggen hijsen. Daardoor werd verdere schade aan het gebouw voorkomen. Ongeveer 24 Duitsers en een Hongaar werden gevangen genomen. Enkele jaren later schreef De Kempenaer nog een ongepubliceerd werk over de geschiedenis van het dorp. Zijn zoon, W.J.A.E. Jaap de Kempenaer (1919), is de enige die ooit in het huis de Sprengenberg geboren is. Zijn doopnaam Ericus (heide) getuigd daarvan. De meest bekende dochter uit het gezin is echter wel dochter Anna roepnaam Annetje. Zij was in 1913 getrouwd met de bijna twintig jaar oudere textielfabrikant Jan Herman van Heek. In 1912 had Van Heek Huis Bergh in 's Heerenberg gekocht, waaraan zij daarna hun leven hadden toegewezen.

          Bron

Uit MijnStadMijDorp door Overijssel Tien en Nu Historisch tijdschrift 2011

Pomphuis

Het badhuisje of "Heksenhuisje".
Sprengenberg was zelfvoorzienend met stroom van een Stork windmolen en een 30 meter diepe waterput voor drinkwater.

Aanvankelijk was Sprengenberg meer dan 900 hectaren groot. De faminlie Van Wulfften Pathe waren echte natuurliefhebbers, ze doneerden grote bedragen en verkochten na het overlijden van de laatste vaste bewoner in de jaren 60 de meeste grond aan Natuurmonumenten. De gebouwen met ongeveer 25 hectaren grond werden behouden, c.q. ondergebracht in de Stichting Huis Bergh en is door de Stichting voor een symbolisch bedrag in erfpacht gegeven aan de afstammelingen van de familie Van Wulfften Palthe. Sprengenberg is sinds 20-7-1982 een rijksmonument.

Latere bekende bewoners

In de jaren 1950-1970 woonden er de jachtopzieners Gerrit Jan alias GaitJan, zijn zoon Henk Bekkernens en daarna Herman Veerbeek.
Jan en Bert Landerweert die met hun ouders op Sprengenberg woorden zaten bij ons op de lagere school in Haarle, hun ouders zorgden voor "tante" Mieke van Wulfften Palte, zij overleed in 1961.
De familie Landeweert verhuisde in 1963 naar Almelo, Bert Landeweert is in 1973 overleden in Duitsland.

De familie Rensen

Wij zijn geboren en getogen aan de voet van de Palthetoren. Als kinderen speelden wij daar vaak, raapten gevallen tamme kastanjes en plukten druiven uit de kas. Als we te dichtbij kwamen schoot jachtopziener "GaitJan" met zijn jachtgeweer in de lucht over ons heen. Daarne raceden we op de fiets hard naar beneden langs het Vlot, het slingerpaadje in. Verkeer op de zandweg onderaan was er nog nauwelijks.
Onder de Palthetoren groeien talrijke moeilijk kweekbare, zeldzame en beschermde Jeneverbes struiken.
Veel boeren in de buurt van de Pathetoren hebben er in het bos gewerkt. Op de grote foto hierboven zag u al mijn ooms Jans Rensen en mijn peetoom Jan Bergboer alias Fakkerts Jan. Mijn broer Wim en ik hebben er ook gewerkt. Wij sleepten  afgezaagde dennen aan een sleepketting met een Bels paard naar het dichtsbijzijnde pad, waar ze werden opgestapeld en met een vrachtwagen afgevoerd naar de mijnen als stuthout of als rikkepalen. Als vergoeding voor je jacht mocht mijn vader jaarlijks een aangewezen hoeveelheid afraster- en hekkenhout ophalen. Wim en ik deden ook vaak mee aan de door Landeweert beschreven drijfjachten. Eerst werden die georganiseerd door de familie Pathe, later door Henk Bekkernens en welgestelde Duitse jagers. Naast een financiële vergoeding werden we rijkelijk beloond met erwtensoep met rookwordt en bacchanaal ingewijd met onze 1e Jonge Jenever of Oude Genever naar keuze. Niet te zuipen, maar daarna was je een grote kerel.

OpenstellingVerboden Toegang


Tot de jaren 1960 was alles verboden gebied conform art 461 Wetboek v Strafrecht.

Na de verkoop van de meeste grond in 1984 aan Natuurmonumenten werd bijna alles opengesteld. Huize De Sprengenberg, de boswachterswoning en 25 hectare tuin en bosgrond bleven eigendom van de Stichting Huis Bergh en worden beheerd door een familievereniging. De laatste tijd wordt helaas steeds meer vanwege natuurbescherming afgesloten.

Aanvullingen en commentaar door: L.W.J. Ben Rensen voor reacties mail ben@rensen.nl